• Decrease font size
  • Default font size
  • Increase font size
  • default color
  • color1 color
  • color2 color
  • color3 color

In 1921 wordt aan het Zieken in Den Haag de oud-ijzerhandel en machinesloperij de Haas opgericht. Jan de Haas sr. is eigenaar van dit bedrijf. In 1925 koopt hij een stuk grond van de roeivereniging ‘de Laak’ aan de Binckhorstlaan. Het bedrijf groeit en er wordt een aangrenzend stuk grond gehuurd van de familie Slotboom. Later, de grond is door het overlijden van de familie Slotboom eigendom van ‘het Rode Kruis’ geworden, koopt Jan dit stuk erbij. Er wordt een houten huis op het terrein gebouwd en Jan gaat daar met zijn gezin wonen. De oudste zoon Jan jr. wordt al jong betrokken bij het bedrijf en volgt zijn vader op. Jan sr. en zijn vrouw kopen een huis in Rijswijk en het gezin van Jan jr. neemt zijn intrek in het houten huis.

Helaas brandt het huis in 1958 volledig af en mag Jan jr. geen nieuwe woning laten bouwen. Het gezin komt tenslotte terecht in een paar aan elkaar gekoppelde woonwagens op het terrein. Ook is aan huisdieren geen gebrek, varkens, geiten, konijnen, kippen en kalkoenen krijgen een plaats. Vader en moeder stimuleren de kinderen zoveel mogelijk te leren want zij willen ze niet automatisch in het bedrijf laten meewerken. Halverwege de zestiger jaren komen er klanten van Jan jr. vragen of hij geen plaats heeft voor hun boot. Er wordt wat ruimte gecreëerd en de eerste boten worden uit het water getakeld. De zoons Jos en Frans, die hun vrije tijd veel op de werf besteden, raden hun vader Jan aan een jachtwerf te beginnen. Er worden door de jongens tekeningen en berekeningen gemaakt en na een poosje kan er begonnen worden met de bouw van de eerste loods. Langzaam maar zeker wordt het oude ijzer opgeruimd, wordt de grond met beton gestort en maakt het ijzer plaats voor boten in alle maten. De vraag naar stallingplaatsen groeit en de zaken gaan goed.

In 1977 overweegt vader Jan te stoppen met werken en is er gelegenheid het bedrijf te verkopen. Zoon Jos heeft echter interesse in de zaak en gaat bij vader werken. Als vader in 1979 plotseling overlijdt wordt hij de nieuwe eigenaar. De grote vraag naar overdekte stalling en de komst van grotere boten noodzaakt hem nieuwe loodsen te bouwen en een grotere kraan te plaatsen. Hoewel het gezin van Jos niet op het terrein woont, brengen ook zíjn kinderen veel tijd door op de werf. Zoon Roel laat al heel jong zien dat hij in staat is zijn vader op te volgen, maar ook hij wordt gestimuleerd zoveel mogelijk te leren. Na de MTS runt hij een jaar zijn eigen bedrijf, maar de gelegenheid doet zich voor dat hij de jachtwerf kan overnemen. Nog altijd bijgestaan door vader Jos is hij de vierde generatie van de familie de Haas die het bedrijf voortzet.